Nederlandse Middeleeuwse Bronnen
Egmondse oorkonde, AD 1083

De Egmondse oorkonde van 1083 beschrijft goederen die de Graven van Holland in de loop der eeuwen aan de abdij van Egmond hebben geschonken.
Over de echtheid van deze oorkonde is al vanaf de 16e eeuw gediscussieerd. Koch (1970) geeft een overzicht van de meningen pro en contra, en concludeert dat de oorkonde een vervalsing is, maar wel gebaseerd op authentieke berichten. De oorkonde is niet op 26 juli 1083 door graaf Dirk V opgesteld, maar tussen 1125 en 1150, ten tijde van graaf Dirk VI.
De personen en plaatsen die in de oorkonde worden genoemd zijn vermoedelijk grotendeels authentiek. De oorkonde kan dus gebruikt worden als bron voor persoons- en plaatsnamen. Echter, de opsteller van de oorkonde heeft hier en daar wel wat slordigheden begaan. Graaf Dirk IV (1039 - 1049) ontbreekt in het overzicht van de graven. De opsteller laat graaf Dirk V over zichzelf spreken als "ego quartus Theodericus" (ik, de vierde Dirk). Twee personen, abt Stephan en gravin Gertrude, worden genoemd met de toevoeging bone memorie, terwijl ze in 1083 nog lang niet overleden waren. Abt Stephan staat onderaan de oorkonde zelfs als eerste getuige genoemd.

Bron
Koch, Oorkondenboek van Holland en Zeeland, deel I, 1970, nr. 88.

Volgende pagina's over de Egmondse oorkonde:
Tekst - de volledige tekst in het Latijn en in het Middelnederlands,
Geografisch - geografische namen in de oorkonde,
Personen - persoonsnamen in de oorkonde,
Afbeeldingen - portretten van graaf Dirk II en gravin Hildegard.

Nederlandse Middeleeuwse Bronnen - Start Pagina